Naar de inhoud
Communicatie

Dit zijn alle 115 communicatiemiddelen

Het complete overzicht in 15 clusters

Welke communicatiemiddelen zet jij in als bedrijf? Het antwoord op die vraag begint met overzicht. Daarom zet ik alle middelen voor je op een rij, geordend in vijftien clusters.

115 communicatiemiddelen in 15 clusters

Alle 115 middelen zijn onderverdeeld in vijftien clusters. Een cluster is een bundeling van middelen waarvoor je één strategie maakt: één doel, één budget, één set indicatoren en meestal één verantwoordelijke.

Die indeling is belangrijker dan de lijst zelf. Een lijst veroudert, want er komt elk jaar een middel bij. De vraag is dan waar het thuishoort, en daar zijn vier principes voor.

1. Cluster op de strategische vraag, niet op de mediumvorm

Video is daarom geen cluster: je videoadvertentie hoort bij Online ads, je eigen serie bij Eigen platformen, je YouTube-kanaal bij Social.

2. In de openbare ruimte beslist de verwachting, niet het geld

Een abri koop je in en een luchtballon ook. Het verschil is dat bij de abri de plek neutraal is en bij de luchtballon de plek zelf de boodschap is.

3. Een systeem is geen middel

Je huisstijl staat op je middelen, maar is er zelf geen. Die hoort bij de laag Voorwaarden van de Marketing MRI. De drager waar de huisstijl op staat is wel een middel.

4. Wie de boodschap maakt, bepaalt het cluster

Maak je hem zelf, dan is het Content of Eigen platformen. Betaal je ervoor, dan is het een adscluster, Sponsor of Influencer. Maakt een ander hem uit zichzelf, dan is het Earned.

Eigen platformen

Eigen platformen is een groot cluster. Deze middelen zijn eigendom van jezelf. Je kunt ze dus inzetten zoals je wilt en je bent niet afhankelijk van anderen.

Corporate website

Je eigen website is een van je belangrijkste en meest krachtige communicatiekanalen. Voor veel bedrijven vormt het de start van het bedrijf.

Actiewebsite

Een losse website voor één campagne, actie of product, naast je corporate site. Handig als de boodschap niet past bij de rest van je website, of als je een aparte doelgroep wilt bereiken zonder je hoofdsite te verbouwen.

Voorbeeld: een aparte site voor een spaaractie, een jubileum of een festival dat je organiseert.

Eigen app

Een app als communicatiemiddel biedt de mogelijkheid om klanten aan je te binden. Vaak biedt een app functies die je ook op de website vindt. Maar de app biedt meer gemak voor gebruikers en heeft duidelijke waarde voor jou: branding, in-app aanbiedingen, in-app advertenties, notificaties en pushberichten.

Voorbeelden: de app van Bol, van LEGO, van de ASN-bank, van de NS, van Storytel, van Marktplaats, van de NOS.

Eigen online community

Veel klantvragen komen overeen. Er bestaan niet voor niets FAQ-pagina's. Daar kun je wat mee als bedrijf, door een online community of een forum te starten. Die community bestaat vaak uit enthousiaste klanten die hetzelfde product of dezelfde dienst gebruiken. Ze lossen elkaars problemen op en vormen daarmee een bron van kennis.

Voorbeeld: de online community van IMU. In 2010 zette IMU een besloten Facebookgroep op om alle binnenkomende e-mails over een softwareprogramma te kunnen afhandelen. Klanten werden verzocht hun vragen in de groep te stellen. De groep werd een community van ondernemers die elkaar uitdaagden en verder hielpen.

Eigen magazine

Je kunt als merk zelf een magazine opzetten. Het doel is meestal om mensen te inspireren rondom jouw merk. Inspiratiemagazines zijn eigenlijk een soort offline blogs.

Voorbeeld: de Kampioen van de ANWB, de Allerhande van Albert Heijn.

Eigen podcast

Zet je bedrijf als expert op de kaart. Door zelf een podcast te maken, laat je zien dat je verstand hebt van een bepaald terrein. Is je podcast goed, dan luisteren vaste klanten en potentiële klanten ernaar.

Voorbeeld: DTR, de officiële Tinder-podcast, waarin de makers liefde en dating onderzoeken en bespreken.

E-book, checklist, whitepaper

E-books, checklists en whitepapers zijn moderne vervangers van de brochure. Je biedt ze aan in online campagnes of op je website. Ze vormen een zachte conversie.

Voorbeeld: een vakantiechecklist van de ANWB, een whitepaper met belastingsubsidies voor ondernemers.

Eigen video- of tv-programma

Eruit springen als merk, bedrijf of organisatie? Niet meer genoemd worden in de reclameblokken, of voor of na een uitzending? Ontwikkel dan zelf een programma.

Voorbeeld: Miljoenenjacht, een spelprogramma van de Postcode Loterij. Het programma heeft niet eens een eigen website, maar alleen een subpagina op de site van de loterij. En ook op de cheques wordt het logo prominent getoond.

Eigen online game of bordspel

Een bedrijf kan een game of spel ontwikkelen rondom het eigen merk. Het draagt sterk bij aan de merkbeleving.

Voorbeeld: de game-app van LEGO, Disney-games voor de Switch, een beleggingsbordspel van een beleggingsbank.

Content

Content gaat over gevonden worden, en over publiceren op de plek van een ander. SEO staat voor search engine optimization, GEO voor generative engine optimization. Via SEO optimaliseer je je website voor zoekmachines, via GEO richt je je op vindbaar worden in AI-antwoorden. Beide richten zich op content, zoekwoorden, linkbuilding, sitestructuur en techniek.

SEO en GEO: zichtbaar in zoekmachines, AI-tools en webshops

Met zichtbaar worden bedoel ik hoe goed mensen jouw pagina's vinden in de onbetaalde vermeldingen: in Google, in de antwoorden van AI-assistenten, in Google Maps en in webshops. Een hoge positie doet ertoe. Van de gebruikers klikt 44 procent op de eerste positie in Google, en op de zevende positie nog maar 13 procent (bron: Searchmetrics).

Voor Google Maps werkt het via je Google-bedrijfsprofiel: vermeld je dienst of product in je bedrijfsnaam, dan begrijpt Google waar je voor staat. In webshops werkt het via je productomschrijvingen en zoekwoorden.

Voorbeeld: je verkoopt deurmatten. Je homepage is geoptimaliseerd voor het zoekwoord "deurmat kopen". Wie daarop zoekt, ziet jouw website tussen de resultaten.

Gastblog schrijven

Door een gastblog aan te leveren, zet je jezelf neer als specialist in een vakgebied. De lezers zijn geïnteresseerd in het onderwerp, wat hen vaak potentiële klanten maakt. Daarnaast is het aan te raden om een link naar je eigen website te verwerken. Dat levert een extra backlink en meer websitebezoekers op, wat weer goed is voor je positie in Google.

Voorbeeld: de gastblogs die ik schrijf voor Frankwatching.

Advertorial

Een advertorial heeft de opzet van een redactioneel artikel, maar maakt tegelijk reclame voor een bedrijf, merk, organisatie of event. Het is dus een advertentie, gegoten in een leesbaar verhaal.

Voorbeeld: een lokaal magazine bestaat dankzij sponsors. Een van die sponsors is een woonwinkel. Als ruil wordt in het magazine een advertorial geplaatst over die winkel.

Linkruil en linkbuilding

Een linkruil vindt plaats wanneer website A en website B naar elkaar doorlinken. Zo verkrijg je meer inbound links: links vanaf een andere website naar de jouwe. Let op: Google kan het uitruilen van links afstraffen, waarmee je opgebouwde linkautoriteit kunt verliezen.

Voorbeeld: je plaatst een gastblog op een bekende website in jouw vakgebied en linkt daarin door naar je dienstenpagina.

Wikipedia, Goede Vraag

Wikipedia biedt informatie. Reclame hoort er niet thuis. Maar ben je groot genoeg, dan wordt er een informatief stukje tekst over je geschreven. Ook portalwebsites zoals Startpagina, of andere informatiesites, kunnen jou vermelden. Je invloed hierop is meestal beperkt.

Voorbeeld: de Coca-Cola-pagina op Wikipedia komt als eerste naar boven voor wie in Google zoekt op Coca-Cola.

Social

Bijna elk bedrijf is tegenwoordig actief op social media. Van grote spelers als Apple tot lokale bakkerijen. Veel bedrijven zetten het in om de sociale kant van hun bedrijf te delen met volgers. Social draagt bij aan de branding. Denk aan de ludieke posts van Bol op Facebook, en de reacties daarop vanuit de klantenservice.

Belangrijk verschil met Eigen platformen: dit zijn de platformen van iemand anders. Je bouwt er een aanwezigheid op, maar je bezit de plek niet.

Facebook (bedrijf, profiel, posts, groepen)

Facebook kun je op meerdere manieren inzetten. Je kunt een bedrijfsprofiel aanmaken en van daaruit posts plaatsen. Je kunt via je persoonlijke profiel een bedrijf promoten door posts te delen. Ook kun je een groep opzetten waar je je doelgroep samenbrengt en informeert.

Voorbeeld: Tasty, onderdeel van BuzzFeed, plaatst regelmatig video's van gerechten die in korte tijd worden bereid. De video's zijn ook zonder geluid te volgen. Het resultaat: meer dan 97 miljoen Facebook-gebruikers vinden Tasty leuk.

Instagram (profiel, stories)

Instagram kun je goed inzetten om je merk te promoten, fans te creëren en volgers te inspireren. Let op: Instagram draait om beeld. Denk daarom goed na over wat je post. Maak richtlijnen om een consistente pagina te krijgen en geef aandacht aan het kleurenpalet.

Voorbeeld: Nike bouwt via Instagram een fancommunity. Ze werken samen met atleten die ambassadeur zijn geworden. Volgers worden geïnspireerd door persoonlijke verhalen. De ambassadeurs posten foto's met Nike-producten, waardoor ze ook influencers voor Nike zijn.

LinkedIn (bedrijf, persoonlijk, posts, groepen)

Zet LinkedIn in door een bedrijfsprofiel aan te maken en te posten vanuit je bedrijf. Ook via een persoonlijk profiel kun je je merk promoten door bedrijfsposts te delen of te linken naar je website. Net als op Facebook kun je groepen aanmaken.

Voorbeeld: een klant met een heel specifieke doelgroep, docenten in het voortgezet onderwijs, promootten we via een LinkedIn-community waar docenten elkaar ontmoeten en worden geïnformeerd.

TikTok (bedrijf, profiel, posts)

TikTok gaat verder dan de bekende dansjes. Dat blijkt wel uit de namen die er gebruik van maken: Pathé, het ministerie van Volksgezondheid, Bol. Wil je TikTok inzetten? Zorg dan dat je content aansluit op je doelgroep, houd de trends in de gaten en plaats veel content.

Voorbeeld: een chaotisch filmpje op de TikTok-pagina van Bol. 1,1 miljoen keer bekeken.

YouTube (eigen kanaal)

Een eigen kanaal op YouTube is iets anders dan adverteren op YouTube. Je bouwt er een bibliotheek op van video's die jarenlang gevonden blijven worden, want YouTube is na Google de tweede zoekmachine van Nederland. Het vraagt wel om regelmaat: één losse video levert weinig op.

Voorbeeld: een installatiebedrijf dat elke maand een instructievideo plaatst over een veelvoorkomende storing, en daarmee gevonden wordt door mensen die nog geen klant zijn.

X

X, voorheen Twitter, is in Nederland kleiner dan LinkedIn maar wordt nog volop gebruikt door journalisten, politici en vakgenoten. Het is daarmee vooral interessant als je in een publiek debat zichtbaar wilt zijn, of als je snel op de actualiteit wilt reageren.

Voorbeeld: een brancheorganisatie die binnen een uur reageert op een nieuwsbericht over de eigen sector.

Pinterest

Pinterest werkt anders dan de andere platformen: mensen zoeken er, ze scrollen niet alleen. Dat maakt het interessant voor sectoren waar mensen visueel oriënteren, zoals wonen, mode, food, bruiloften en verbouwingen. Pins blijven bovendien lang doorverwijzen naar je site.

Voorbeeld: een keukenzaak die per keukenstijl een bord maakt en daarmee bezoekers binnenhaalt die nog aan het oriënteren zijn.

Social overig

Hieronder vallen Snapchat, Reddit, Tumblr, 9GAG, Slideshare en vele andere.

Google-bedrijfspagina

Met een goed gevulde Google-bedrijfspagina trek je de aandacht van Google-gebruikers. Een volledige pagina komt tevoorschijn in de zoekresultaten en wordt getoond in Google Maps. Vul je profiel aan met adres en openingstijden, een link naar je website, een omschrijving en foto's en video's. Plaats daarnaast posts, zoals updates en aankomende evenementen.

Webcare en online reacties

Reageren op vragen, klachten en vermeldingen op social media. Webcare lijkt op klantenservice, maar is iets anders: je antwoord staat er publiek bij en wordt ook gelezen door mensen die niets vroegen. Daarmee is het een communicatiemiddel en geen servicekanaal. Een goed afgehandelde klacht is publiek bewijs dat je klanten serieus neemt, een genegeerde klacht is dat ook.

Voorbeeld: een vervoerder die tijdens een storing per kwartier laat weten wat de stand van zaken is, en daarmee de toon van het hele gesprek bepaalt.

Online ads

Online ads zijn een vast onderdeel van moderne marketingstrategieën. Bedrijven betalen om hun boodschap te tonen aan een specifieke doelgroep op digitale platformen: zoekmachines, social media en websites. Elk platform heeft zijn eigen kenmerken en gebruikers, zoals zakelijke professionals op LinkedIn en jongeren op TikTok. Die verschillen maken het mogelijk om gericht te kiezen.

AI tool ads

Adverteren in AI-assistenten. ChatGPT Ads is sinds augustus 2026 in Nederland beschikbaar, andere aanbieders volgen. Je advertentie verschijnt bij een antwoord, niet bij een zoekopdracht, en dat vraagt om een andere manier van denken: niet welk zoekwoord iemand intikt, maar bij welke vraag jouw aanbod het antwoord completer maakt.

Voorbeeld: iemand vraagt een assistent om hulp bij het kiezen van een warmtepomp en krijgt bij het antwoord een advertentie van een installateur in de regio.

Search Ads

Adverteren op zoektermen, in Google en in andere zoekmachines zoals Bing. Je adverteert op bepaalde zoekwoorden, met een tekst-, beeld- of videoadvertentie. Het blijft niet bij de zoekmachine: ook op platformen die eronder vallen, zoals Gmail, kun je adverteren.

Voorbeeld: zoek maar eens op de term "kanarievoer". Grote kans dat je een advertentie van Pets Place ziet staan.

YouTube Ads

YouTube Ads omvat pre-roll-, mid-roll- en displayadvertenties, gericht op basis van demografische gegevens, interesses en kijkgedrag. Deze advertenties helpen om merkbekendheid te vergroten, producten te promoten en directe interactie te stimuleren via call-to-actionknoppen en links.

Shopping Ads

Productadvertenties met foto, prijs en winkelnaam, gevoed door een productfeed uit je webshop. Iets anders dan Search Ads: je schrijft geen advertentietekst, je zorgt dat je productdata kloppen. De kwaliteit van je feed bepaalt hier het resultaat.

Voorbeeld: wie zoekt op "hardloopschoenen heren" krijgt bovenaan een rij productfoto's met prijzen te zien.

Meta Ads (Facebook en Instagram)

Op Facebook en Instagram adverteer je vanuit dezelfde advertentiemanager. Je kunt je doelgroep selecteren op leeftijd, interesses, woonplaats en apparaatgebruik. De advertentievormen lopen uiteen van berichten in de tijdlijn tot stories en carrousels.

Voorbeeld: je organiseert een horecabeurs in Utrecht en richt je op mensen van 25 jaar en ouder die in de provincie Utrecht wonen en in de horeca werken.

LinkedIn Ads

Via LinkedIn bereik je specifieke zakelijke doelgroepen. Bijvoorbeeld managers bij zorginstellingen of leraren in het voortgezet onderwijs. Dat maakt LinkedIn tot een bijzonder zakelijk medium. Ook kun je individuele bedrijven als doelgroep kiezen en leadformulieren inzetten. Maak meerdere advertenties en A/B-test die.

Voorbeeld: je hebt een coachingsprogramma ontwikkeld en promoot een e-book op LinkedIn, waarmee je contactgegevens van potentiële klanten verzamelt.

TikTok Ads

Op TikTok heb je verschillende advertentiemogelijkheden: een video in de tijdlijn, dezelfde video met extra tegels waarop je meerdere producten toont, een korte video die wordt getoond zodra iemand de app opent, en een langere variant daarvan die meer overkomt als een echte TikTok-video.

Voorbeeld: je make-upbedrijf wil een nieuwe mascara promoten en kiest voor een video bij het openen van de app, specifiek getoond in de categorie make-up.

Social Ads overig

Denk hierbij aan Pinterest, Snapchat, Reddit en vele andere.

Display Ads

Banners en videoadvertenties toon je via een displaynetwerk. Het netwerk zorgt ervoor dat je advertenties, op basis van criteria zoals doelgroep, tijd en budget, worden getoond op veel verschillende websites die bij het netwerk zijn aangesloten. Een belangrijk onderdeel is remarketing: bezoekers van je website, app of e-mail zien je uiting opnieuw. Zo benut je de kracht van herhaling.

Voorbeeld: het bekendste en meest dominante voorbeeld is het displaynetwerk van Google.

Ads in Spotify en Apple Music

Muziekstreamingdiensten bieden de mogelijkheid om je audiocommercial te laten horen. Vaak hoor je voor de start van een nieuwe track een korte commercial. Luisteraars kunnen die omzeilen met een betaald abonnement.

In Game Ads

Bij in-game advertising ben je adverteerder in een game of spel van anderen.

Voorbeeld: je sponsort de reclameborden bij een voetbal- of racespel. Of de Efteling laat het eigen park nabouwen in Minecraft.

In App Ads

Bij in-app advertising wordt jouw advertentie getoond in de app van anderen. Denk aan korte reclames in gratis versies van een app of spel.

Voorbeeld: na elke vijf minuten dat je een gratis app gebruikt, moet je een videoadvertentie van twintig seconden bekijken.

Ads in e-mailing

Adverteren in de uitingen van een ander bedrijf: in hun nieuwsbrief, hun magazine of hun mailing.

Voorbeeld: in de Allerhande van Albert Heijn staan advertenties van veel verschillende merken.

Product placement en sluikreclame

Meestal vindt product placement plaats in video, zoals een serie of een film.

Voorbeeld: Cast Away met Tom Hanks. Na een vliegtuigcrash zit Chuck Noland alleen op een onbewoond eiland. Zijn beste vriend is Wilson, een aangespoelde volleybal van het merk Wilson. Het merk werd zelf benaderd door de scriptschrijvers. Het product is niet alleen te zien in de film, het speelt ook nog eens een hoofdrol.

Marketplaces

Marketplaces zoals Amazon, Bol, Fonq en Wehkamp verkopen veel merken en maken promotie. Zichtbaarheid speelt er dezelfde rol als in een zoekmachine: de merken willen gevonden worden binnen de marketplace.

Voorbeeld: Hartman tuinmeubelen verkoopt zijn collectie via Bol en Fonq.

Product inserts

Je runt een webshop en stuurt producten naar klanten thuis. Voeg iets toe aan de bestelling om klanten aan te sporen meer bij je te bestellen.

Voorbeeld: een kaartje met een code waarmee de klant twintig procent korting krijgt op zijn volgende aankoop.

TV, radio, outdoor en print

Ingekocht bereik in de traditionele media. De inkoop loopt per spot, per week of per plaatsing, en meestal via dezelfde inkoper of hetzelfde mediabureau. Dat is de reden dat deze middelen één cluster vormen en niet samengaan met Online ads: de Search Ads-specialist en de outdoor-inkoper zijn zelden dezelfde persoon.

Reclame op radio (landelijk, lokaal, streaming)

Radiocommercials kun je landelijk, lokaal en online inzetten. Landelijke advertenties bieden groot bereik maar zijn duur, vooral tijdens populaire zendtijden en programma's. Lokale radiocommercials bereiken een specifiek en betrokken publiek, handig voor lokale bedrijven. Online radiocommercials bieden de flexibiliteit om zowel op grote landelijke als op kleine online zenders te adverteren, al hebben kleinere zenders vaak een beperkter bereik.

Voorbeelden van landelijke zenders zijn Qmusic en Radio 538, lokale zenders zijn Omroep Zeeland en RTV Rijnmond, en online zenders zijn onder andere Worldwide FM en Rinse Radio.

Reclame op televisie en streaming (landelijk, lokaal)

Landelijke of lokale aandacht voor je boodschap. Dat kan via televisie en via de platformen waar je video's op aanvraag kijkt. In 2019 werd er al meer on demand gekeken dan naar reguliere televisie.

Kosten? Meestal veel, zeker als je zendtijd wilt inkopen bij populaire programma's of op populaire kijktijden.

Voorbeeld: adverteren in het reclameblok van een voetbalwedstrijd op het WK. Of adverteren op NPO Start.

Reclame in podcasts

De ingekochte spot in een podcast van iemand anders. Dat kan een vooraf opgenomen commercial zijn, of een tekst die de maker zelf voorleest. Die tweede vorm werkt beter, omdat de luisteraar de stem vertrouwt, maar je hebt er minder controle over.

Let op het verschil: de spot staat hier, het sponsoren van een hele podcast staat bij Sponsor, en zelf aanschuiven bij een podcast staat bij PR.

Outdoor Media, snelweg

Allemaal wel eens gezien vanuit de auto: een gigabord aan de snelweg. Ook wel snelwegreclame genoemd. Je bereikt er veel mensen mee, en juist daarom is deze vorm weinig gericht. Het is schieten met hagel. De BOB-campagnes zijn de uitzondering, die zijn heel gericht.

Voorbeeld: een reclame van McDonald's met de afslag die je moet hebben om er te eten.

Outdoor Media, billboard, abri en DOOH

Reclames in bus- en tramhokjes, ook wel abri genoemd. Deze reclames hebben een groot bereik en hangen op een plek waar mensen de tijd hebben om ze te bekijken. Vrijstaande varianten heten mupi's: hetzelfde formaat, maar op andere, vaak drukke plekken. Digitale schermen op stations en in winkelcentra vallen hier ook onder.

Outdoor Media, sandwich- of driehoeksbord

De borden die aan de voet van lantaarnpalen staan, aan beide kanten bedrukt. Er bestaat ook een illegale variant van karton.

Outdoor Media, voertuig (bus, tram en dergelijke)

Door te adverteren op een bus, tram of vrachtwagen bereik je een lokale doelgroep. Belangrijk is wel dat voorbijgangers de reclame direct begrijpen. Moeilijke slogans werken hier niet.

Voorbeeld: de busreclame van Even Apeldoorn bellen. De bestickering doet lijken alsof de bus aan de achterkant open is, en dat sluit aan bij de slogan.

Outdoor Media, route- of eventbord

Een vast verwijzingsbordje met je bedrijfsnaam langs de openbare weg. Een middel dat vooral wordt ingezet door toeristische attracties, maar in veel gemeenten kan elk type bedrijf zo'n bordje aanvragen.

Outdoor Media, lichtmastreclame

De verlichte borden bovenin een lantaarnpaal.

Voorbeeld: de lichtmastreclame van Albert Heijn, waarin staat na hoeveel meter je moet afslaan voor de parkeerplaats.

Bioscoopreclame

We kennen het allemaal. De film is nog niet begonnen, of de popcorn is al op. Popcorn die je opat terwijl je keek naar meestal lokale advertenties op het grote scherm. Bioscoopreclame kun je inzetten om lokaal onder de aandacht te komen.

Voorbeeld: er is meestal wel een autodealer die reclame maakt voorafgaand aan een film.

Print, krant (landelijk of lokaal)

Landelijk onder de aandacht komen of juist lokaal. Adverteren in de krant heeft voordelen en nadelen. Voordeel: elke dag is er een nieuwe krant, dus je kunt inspelen op de actualiteit. Nadeel: de meeste kranten verdwijnen na één dag in de prullenbak, en je advertentie daarmee ook.

Voorbeeld: "Lid raad van toezicht gezocht". Veel organisaties adverteren in de krant om personeel te vinden.

Print, magazine of vakblad

Door te adverteren in een magazine of vakblad spreek je een gerichtere doelgroep aan. Denk aan vrouwen via de Linda, of paardenliefhebbers via de Hoefslag.

Voorbeeld: in de Hoefslag adverteren om een nieuw hoofdstel te promoten.

DM, eDM en berichten

Rechtstreeks naar iemand toe. Via e-mail en berichten blijf je periodiek onder de aandacht bij klanten en potentiële klanten. Je kunt inspiratie bieden, aanbiedingen doen of relevante informatie sturen. Vaak is het belangrijkste doel: bezoek naar de website genereren en het aantal verkopen of leads verhogen.

Reguliere nieuwsbrief

Een nieuwsbrief is een opgemaakte e-mail met updates, aanbiedingen en informatie vanuit een bedrijf. Nieuwsbrieven worden meestal gestuurd om onder de aandacht te blijven, websitebezoek te genereren en producten of diensten te promoten. Voor het opmaken en versturen wordt vaak e-mailmarketingsoftware gebruikt.

Voorbeeld: mensen die een aankoop doen bij een online schoenenwinkel stemmen in met de maandelijkse nieuwsbrief, waarin de nieuwste sneakers worden gepromoot.

Campagne-mailing

Via een campagne-mailing breng je een bepaalde dienst of product onder de aandacht bij een specifieke doelgroep. Je brengt iets direct onder de aandacht bij de klant, los van het vaste ritme van je nieuwsbrief.

Voorbeeld: een mail van HelloFresh met een kortingscode voor je volgende maaltijdbox.

Marketing automation

Via marketing automation ontvangen websitebezoekers en klanten geautomatiseerde e-mails en uitingen. Het gedrag van klanten, zoals het klikgedrag op je website en het openen van nieuwsbrieven, wordt gekoppeld aan hun profiel. Op basis daarvan volgt een persoonlijke reeks berichten.

E-mailalert (ad hoc)

Een losse mail op het moment dat er iets te melden is: een storing, een prijswijziging, een wetswijziging die je klanten raakt. Geen campagne en geen ritme, maar een bericht dat zijn waarde ontleent aan de timing.

Voorbeeld: een verzekeraar die klanten mailt zodra een verandering in de voorwaarden voor hen gevolgen heeft.

Mailing per briefpost

Een commerciële mailing per post is een verrassende manier om bij je doelgroep onder de aandacht te komen. Verzamel gegevens van bedrijven, of specifieker: van werknemers of eigenaren van bedrijven die je wilt benaderen. Stuur een brief, brochure of kaartje op.

Voorbeeld: gegevens verzamelen van eigenaren, communicatieverantwoordelijken en marketingmanagers in een regio, en die allemaal een gepersonaliseerde brief met brochure sturen.

Huis-aan-huisflyer

Wil je een bepaalde regio, gemeente of provincie kennis laten maken met je bedrijf of product? Een huis-aan-huisflyer helpt om lokaal te promoten.

Voorbeeld: een nieuwe hamburgerzaak flyert bij alle huishoudens in het centrum en drie omliggende wijken.

Administratieve post

Administratieve post is praktische post. Denk aan facturen of betalingsherinneringen. Door deze post op te maken in de huisstijl, wordt het een communicatiemiddel.

Voorbeeld: een brief van de Belastingdienst. Niet de leukste post om te ontvangen, maar wel inclusief logo en huisstijl.

WhatsApp, sms en push

Sms biedt een directe manier om informatie te delen, zoals orderbevestigingen, afspraakherinneringen of aanbiedingen. WhatsApp is inmiddels het meest gebruikte berichtenkanaal in Nederland, met eigen regels en eigen kosten per bericht. Pushberichten worden verzonden via apps naar de startschermen van telefoons en zijn geschikt voor realtime-updates: nieuwe producten, kortingsacties of nieuwsberichten.

Proximity marketing

Proximity marketing maakt gebruik van technologieën zoals bluetooth, wifi, NFC en gps om klanten in de buurt gerichte berichten en aanbiedingen te sturen op basis van hun locatie.

Voorbeeld: een kledingwinkel stuurt klanten die langslopen een melding over een korting op de nieuwe collectie.

PR

PR is een van de wat onbekendere kanalen. Het is een manier om je bedrijf, product of dienst te promoten door nieuwswaarde te creëren. Vaak doet de media dan de rest.

Persbericht (onderzoek of innovatie)

Breng je merk onder de aandacht in de media door een onderzoek uit te voeren en te publiceren. Journalisten negeren persberichten die vol staan met reclame. Creëer daarom zelf een nieuwswaardig onderwerp door een relevant onderzoek te doen.

Voorbeeld: als verzekeraar doe je onderzoek binnen je doelgroep. De cijfers wijzen op een nieuwe trend in je branche. Je schrijft er een persbericht over en het onderzoek wordt opgepikt door een landelijke krant. Lees ook hoe je bepaalt of je nieuws geschikt is voor een persbericht.

Prijs of wedstrijd organiseren

Organiseer een prijs of wedstrijd om je product of merk onder de aandacht te brengen. Hierbij laat je de deelnemers het grootste werk doen. Zij praten over je bedrijf, delen posts op social media en nodigen anderen uit om je te volgen.

Voorbeeld: een kledingmerk geeft geregeld prijzen weg op Instagram. Om mee te doen moeten volgers het bericht liken, twee vrienden taggen en de post delen in hun eigen verhaal. Zo komt het merk onder de aandacht bij volgers van volgers.

Mening, column of interview over een openbaar vraagstuk

Door jezelf te profileren als expert op een bepaald gebied, kun je worden benaderd om je mening te geven over een openbaar vraagstuk. Je komt als expert naar voren in het verhaal, wat je merk promoot. Je kunt je uiteraard ook zelf in een vraagstuk mengen.

Voorbeeld: Elon Musk liet in oktober 2021 weten aandelen Tesla ter waarde van zes miljard dollar te verkopen als het World Food Programme met een concreet plan kwam om daarmee de wereldhonger op te lossen. Daarmee mengde hij zich in een openbaar vraagstuk en zette hij zichzelf en zijn bedrijf op de kaart.

Deelnemen aan podcast

Word onderdeel van een podcast door, al dan niet tegen betaling, deel te nemen. Ook wel native advertising genoemd. Je bent als merk deel van het verhaal.

Voorbeeld: in de Amerikaanse podcast Gastropod worden verhalen achter eten verteld. Gastropod heeft een samenwerking met een Aziatisch marinademerk. In een aflevering wordt een achtergrondverhaal verteld over Aziatische marinades, en laat dat nu net de expertise van dat merk zijn.

Influencer

Mensen die je inzet om je boodschap te dragen. Het verschil met Earned is de afspraak: hier is er een deal, daar niet.

Promotie via een influencer

Influencers hebben vaak een grote, specifieke groep volgers en fans. Door je dienst, product of merk te laten promoten door een influencer, bereik je die doelgroep.

Voorbeeld: een bekende visagist die een make-upproduct van een merk promoot op Instagram.

Influencer in je eigen campagne

Iets anders dan een influencer die op zijn eigen kanaal over je post: je zet de persoon in binnen je eigen uitingen, op je eigen kanalen. Je koopt dan geen bereik maar geloofwaardigheid, en je houdt de regie over de boodschap.

Voorbeeld: een bekende kok die het gezicht is van een campagne van een supermarkt, in de folder, op de verpakking en in de tv-spot.

Zelf influencer worden

Je kunt natuurlijk ook zelf influencer worden, en daarmee jezelf en je bedrijf promoten.

Voorbeeld: een lifestylecoach met een groot YouTube-kanaal en een eigen voedingsmerk.

Employee advocacy

Je medewerkers posten namens het merk op hun eigen profielen. Hun netwerk is bij elkaar vaak groter dan dat van je bedrijfspagina, en persoonlijke berichten worden beter gelezen dan bedrijfsberichten. Het vraagt wel om vrijwilligheid en om materiaal dat mensen zelf willen delen.

Voorbeeld: een adviesbureau waarvan tien consultants elk hun eigen ervaring bij een project delen, in plaats van één bericht op de bedrijfspagina.

Event

Events trekken een specifiek publiek aan. Dat maakt deelnemen aan of organiseren van een event een slim middel: je presenteert een dienst of product aan potentiële klanten.

Event organiseren, offline of online

Je organiseert vanuit je bedrijf of merk een event. Zo creëer je aandacht voor je merk.

Voorbeeld: een vakplatform over online business dat meerdere events per jaar organiseert voor specialisten.

Gastpresentatie

Spreken op het podium van iemand anders: een congres, een branchebijeenkomst, een college. Je leent het publiek en de geloofwaardigheid van de organisator. Meestal is het onbetaald, en dat is precies waarom het werkt: de zaal ziet je als spreker en niet als adverteerder.

Voorbeeld: een gastcollege geven op een hogeschool over het vak waarin je werkt.

Beursstand

Door deel te nemen aan een beurs of event presenteer je je merk aan een gerichte doelgroep. Potentiële klanten maken live kennis met je bedrijf, en dat prikkelt de zintuigen.

Voorbeeld: met een stand op een vakbeurs staan.

Adverteren op events

Promoot je product op een event. Kies een event uit waar je doelgroep te vinden is.

Voorbeeld: met een stand op de kerstmarkt staan om je eigen chocolademelkmerk te promoten.

Verkoop bij een event (bijvoorbeeld een barista)

Je promoot je merk op een evenement, zoals een beurs, opening, feest of première.

Voorbeeld: voor een bruiloft wordt je kaashapjesbedrijf ingehuurd. Je staat de hele dag met een stand in de tuin, met je logo op de stand en op de servetjes.

Webinar geven

Een webinar is een online presentatie, training of workshop. Het doel is om je kennis te delen met het publiek. De aangemelde deelnemers hebben interesse in het onderwerp. Je toont jezelf als specialist, en daarnaast ontvang je contactgegevens, omdat aanmelding vaak verplicht is.

Voorbeeld: je geeft een webinar over e-mailmarketing en deelt achteraf de gegevens van je eigen bedrijf.

Bij sponsoring gaan twee of meer partijen een samenwerking aan die voor beide voordelen biedt. De sponsor betaalt geld of levert een dienst of product, in ruil voor publiciteit. Met als doel: meer bekendheid bij een specifieke doelgroep, en meer omzet. Er bestaan veel vormen. Een van de bekendste is sport- en cultuursponsoring.

Sponsoring van een evenement

Door een evenement te sponsoren kom je onder de aandacht bij een specifieke doelgroep. Ook laat je zien waar je voor staat. Kies een evenement dat aansluit bij je doelstellingen.

Voorbeeld: het Tata Steel Chess Tournament. Het bedrijf legt zelf uit dat het voor schaken koos omdat het draait om strategisch denken en creatieve oplossingen voor complexe vraagstukken.

Sponsoring van een prijs

Hierbij zijn twee opties mogelijk. Je product of dienst wordt gepresenteerd als prijs, in bijvoorbeeld een spelshow of een wedstrijd bij de lokale voetbalclub. Of jij betaalt de prijs, waarna je merk wordt genoemd bij de prijsuitreiking en op de uitingen.

Voorbeeld: op het jaarlijkse toernooi van een voetbalvereniging worden lootjes verkocht. De hoofdprijs is een fiets, gesponsord door een verhuisbedrijf.

Sponsoring van een goed doel

Het sponsoren van een goed doel kan solidariteit en een beter imago opleveren.

Voorbeeld: veel goede doelen hebben een eigen pagina waarop ze uitleggen waarom een bedrijf hen zou sponsoren.

Sponsoring van een team of club

Lokaal onder de aandacht komen? Denk dan aan het sponsoren van een team of sportclub. Zo verbind je je aan een lokale club en kom je onder de aandacht bij bewoners en lokale bedrijven.

Voorbeeld: een zorgaanbieder in Zeeland sponsort een damesvoetbalteam. De speelsters en hun tegenstanders zijn tussen de achttien en achtentwintig jaar. Precies de doelgroep waar die zorgaanbieder personeel zoekt.

Sponsoring in de openbare ruimte (bankje, park, piano, station)

Door objecten in de openbare ruimte te sponsoren kom je lokaal onder de aandacht. Denk aan bankjes in het park, een piano op het station of het onderhoud van rotondes. In ruil wordt je naam op het object geplaatst.

Voorbeeld: in veel natuurgebieden kun je een bankje laten plaatsen.

Sponsoring van tv of podcast

"Dit programma wordt mede mogelijk gemaakt door." Door een programma te sponsoren valt je reclame niet weg tussen alle andere reclames in het blok.

Voorbeeld: de sponsor van Expeditie Robinson was een kauwgommerk. Een logische keuze volgens het merk zelf: de deelnemers worden één met de natuur en dat ligt in lijn met hun visie.

Sponsoring van een persoon

Denk aan het sponsoren van een artiest of een bekende sporter. Bij sportsponsoring draagt de sporter meestal kleding met de merknaam erop. Het sponsoren van een individu brengt ook risico's mee. Denk aan een sporter die na de eerste wedstrijd geblesseerd raakt en niet meer in beeld komt. Of een artiest die negatief in het nieuws komt.

Voorbeeld: Tiger Woods kwam rond 2010 negatief in het nieuws en verloor daardoor een sponsordeal.

Field en retail

Daar waar het product wordt verkocht. Dit cluster hoort bij de mensen die met de winkelvloer en de handel te maken hebben, en dat is zelden hetzelfde team als dat van de online campagnes.

Adverteren in winkels en horeca

Ook in winkels kun je je merk promoten. Dit gebeurt vaak in supermarkten, en in de horeca komt het ook steeds vaker voor. Denk aan posters op de toiletdeuren.

Voorbeeld: reclame op winkelwagentjes.

Productpromoties in de winkel

Promoot een nieuw product bij het winkelend publiek.

Voorbeeld: verkoopdemonstraties van een merk in de supermarkt.

Flyer of samples uitdelen

Op de markt, in drukke winkelstraten, bij sportevenementen. Je krijgt een flyer in je hand gedrukt of wordt naar een opvallende stand gelokt waar samples worden uitgedeeld.

Voorbeeld: bij de lancering van een nieuw ijstheemerk werden meer dan een miljoen samples uitgedeeld.

Instore sales

Instore sales is eigenlijk een merkwinkel in een andere winkel. Beide merken sluiten op elkaar aan.

Voorbeeld: een haardenwinkel in een grote tegelwinkel.

Loyaliteitsprogramma of spaaractie

Een programma dat klanten beloont om terug te komen: punten, zegels, een pas of een app. Het is een communicatiemiddel omdat je er een reden mee creëert om contact te houden, en omdat je leert wat klanten kopen.

Voorbeeld: de spaaracties bij supermarkten, of een koffiezaak met een stempelkaart voor de tiende kop.

Affiliate marketing

Bij affiliate marketing verkopen anderen jouw product tegen een commissie.

Voorbeeld: een blog maakt reclame voor scooters van een bepaald merk. Wanneer iemand na een bezoek aan die blog een scooter koopt, ontvangt de eigenaar een percentage van het verkoopbedrag. De blog helpt niet alleen mee met de verkoop, het zorgt ook voor bekendheid.

Guerrilla

Guerrilla marketing is een manier om op een verrassende en originele manier onder de aandacht te komen. Je probeert veel publiciteit te krijgen met vaak een beperkt budget. Het vraagt om creativiteit, want alleen zo spring je eruit.

Wildplakken van posters

Een bekende vorm van buitenreclame. Let op: dit is op de meeste plekken in Nederland illegaal. Hoe dan ook, het blijft een relatief eenvoudige manier om een groot publiek te bereiken.

Voorbeeld: je organiseert een dance-event in Rotterdam en plakt weken van tevoren in vier grote uitgaansstraten meer dan honderd promotieposters.

Hoesjes om fietszadels

Nederland fietsland. Het verspreiden van zadelhoesjes is dan ook een effectieve vorm van guerrilla marketing. Zadelhoesjes zijn handig en worden daarom niet snel weggegooid. Ze zijn ook snel te verspreiden: zoek een grote fietsenstalling op en gaan.

Voorbeeld: de zadelhoesjes van een uitzendbureau om sollicitanten aan te trekken, met de leus "Zit jij al op je plek?"

Stickers op lantaarnpalen

Goedkoop en snel gedaan. Een simpele vorm van guerrilla marketing, met een groot bereik.

Voorbeeld: Reddit-oprichter Alexis Ohanian plakte onderweg stickers van Reddit op. Niet lang daarna verschenen die stickers door heel Amerika.

Ludieke actie met kans op viral

Bij guerrilla marketing geldt: hoe creatiever, hoe beter. Door een creatieve, ludieke actie op te zetten kun je viral gaan. Je boodschap verspreidt zich daarmee snel.

Voorbeeld: de campagne uit 1996 van het Hans Brinker Budget Hostel in Amsterdam. Dat hostel stond bekend als het slechtste ter wereld, en de campagne speelde daarop in. Ze plakten onder meer vlaggetjes in hondendrollen met de leus "Now even more of this at our main entrance". Het resultaat: veel media-aandacht en een groot bereik bij de doelgroep.

Outdoor specials (luchtballon, vliegtuig, boerenakker, rotonde, reclamefiets)

We hebben ze allemaal wel eens zien vliegen op een stralende stranddag: vliegtuigjes met een banner erachter. Net als adverteren op een luchtballon of het rijden met een reclamefiets. Deze middelen staan hier en niet bij de traditionele media, omdat de plek zelf de boodschap is.

Voorbeeld: de luchtballon van McDonald's. Geen reclame op de ballon, maar een ballon in de vorm van frietjes en een hamburger.

Personal sales

Persoonlijk contact biedt de mogelijkheid om direct met elkaar te communiceren en non-verbale signalen te begrijpen. Of het nu face to face is, via de telefoon of per brief.

Fysiek overleg

Ondanks de opkomst van digitale communicatie blijft fysiek overleg een belangrijk middel. Het biedt directe interactie, waardoor mensen lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen kunnen waarnemen.

Voorbeeld: fysiek overleg komt vooral tot zijn recht bij brainstormsessies, teamvergaderingen, onderhandelingen en het vormen van een gedeelde visie.

Contact via telefoon, chat, WhatsApp of e-mail

Via telefoon, chat of e-mail komen mensen in contact met je organisatie. Die service draagt bij aan het imago. Sta je klanten snel en accuraat te woord, dan zet je dit middel goed in. Krijgen klanten slechte antwoorden of duurt het lang voordat ze iemand spreken, dan werkt het tegen je.

Voorbeeld: klanten kunnen via de chat op elk moment contact opnemen met de klantenservice.

Chatbot

Steeds meer bedrijven werken met chatbots. Een chatbot is een geautomatiseerde gesprekspartner die antwoord geeft op standaardvragen. Zorg dat de chatbot gerichte antwoorden geeft. Wordt de klant niet verder geholpen, dan neemt hij alsnog op een andere manier contact op, of het schaadt het imago van je bedrijf.

Voorbeeld: de chatbot van Bol handelde in 2019 al 45 procent van het klantcontact af.

Telefonische verkoop

Telefonische verkoop is een vorm van koude acquisitie. Ongevraagde telefonische verkoop aan consumenten is verboden. Alleen mensen die expliciet toestemming hebben gegeven mogen gebeld worden. Ook organisaties waar je lid van bent, instanties waar je ooit aan hebt gedoneerd en bedrijven waar je klant bent of bent geweest, mogen je bellen tot drie jaar na je bestelling of opzegging.

Voorbeeld: je doet mee aan een winactie van een hondenvoermerk en vinkt daarbij aan dat je gebeld mag worden. Je wint niet, maar wordt drie maanden later gebeld met een aanbieding voor puppyvoeding.

Huis-aan-huisverkoop

Ook bekend als deurverkoop of colportage. Verkopers bellen aan om diensten, producten of abonnementen te verkopen.

Voorbeeld: energiecontracten, alarmsystemen en internetabonnementen die aan de deur worden aangeboden.

Straatverkoop (bijvoorbeeld een krantabonnement)

Door veel mensen genomineerd als een van de vervelendste kanalen: straatverkoop. Verkopers die je op straat aanspreken met de vraag of je een abonnement wilt afsluiten of lid wilt worden van een organisatie.

Voorbeeld: in de winkelstraat staan twee studenten krantabonnementen te verkopen.

Merkdragers

De dragers die je al bezit en waar je merk op staat. Voor veel organisaties is dit de grootste onbenutte post: bereik dat je al hebt, dat dagelijks wordt gezien, en waar geen strategie achter zit.

Let op het verschil met de huisstijl zelf. Die bepaalt hoe je uitingen eruitzien en is een voorwaarde, geen middel. De drager waar de huisstijl op staat is dat wel.

Huisstijl (brieven, envelop, kaartjes)

Onder huisstijl vallen de geprinte media die je praktisch nodig hebt. Wie vroeger een bedrijf startte, gebruikte dit als eerste communicatiemiddel. Inmiddels is dat meestal de website.

Voorbeeld: visitekaartjes, enveloppen, briefpapier, een dossiermap.

Brochure of flyer

Papieren media helpen om zichtbaar te blijven. Een brochure kun je meenemen op een afspraak of per post versturen, bijvoorbeeld om je volledige set diensten te tonen. Een flyer helpt om lokaal zichtbaar te worden.

Voorbeeld: een sinterklaasbrochure van een webshop of een flyer van een pretpark die op de balie van een hotel ligt.

Advertentie op je eigen gebouw, dak, ruit of vlag

Heeft je eigen gebouw voldoende zichtbaarheid? Laat dan zien dat je er zit. Dit middel biedt vooral mogelijkheden als je het gebouw in eigendom hebt. Anders ben je afhankelijk van de verhuurder.

Voorbeeld: neonreclame op je raam, verlichte dakreclame, een groot reclamedoek aan je gebouw.

Reclame op je eigen auto's

Word zichtbaar door je huisstijl ook buiten te tonen. Besticker je bedrijfsauto of plaats stoepborden bij je winkel.

Voorbeeld: de bestelbussen van een pakketdienst, de vrachtwagens van een vervoerder of het reclamebord van de lokale bakker.

Interieur van het bedrijf

Dit middel wordt vaak over het hoofd gezien. Maar als potentiële klanten op bezoek komen, zorg dan dat je merk in het interieur herkenbaar is. Het zorgt ook voor extra binding bij je personeel. Stoelen in de kleur van de huisstijl? Klantwaarden op de muur?

Voorbeeld: de huisstijlkleuren van een webwinkel die terugkomen in het kantoor.

Kleding (bedrijfskleding en merchandise)

De bedrijfsoutfit is vooral van meerwaarde als je een fysieke winkellocatie hebt, in de toeristische sector werkt of bij mensen thuis komt. Bedrijfskleding versterkt je merk bij klanten en bij personeel. Je kunt ook merchandise ontwikkelen, dat wordt gedragen door echte fans.

Voorbeeld: de outfit van bedienend personeel in een restaurantketen, of de merchandise van een tractormerk.

Bedrijfsgadgets

Zelfs gadgets vormen een communicatiemiddel. Kleine hebbedingetjes waar je je logo op kunt printen. Dingen die je op een beurs weggeeft of aan een postmailing toevoegt.

Voorbeeld: pennen, notitieblokjes, bidons, usb-sticks.

Administratie (offerte, factuur, pakbon)

Administratieve items zijn praktische documenten. Ze worden verstuurd door uitvoerende afdelingen, zoals logistiek, facturatie of administratie. Veel bedrijven vergeten aandacht te besteden aan deze middelen. Dat geldt ook voor de offerte: je kunt een simpele offerte per mail sturen, of een offerte in huisstijl maken met referenties, voordelen en aanbiedingen. De offerte is een communicatiemiddel op zichzelf.

Voorbeeld: pakbonnen, orderbevestigingen, facturen, of een restaurantbonnetje waarmee je vijf procent korting krijgt bij je volgende bezoek.

Product en verpakking

Een specifiek onderdeel van de huisstijl is de verpakking van je product, of het product zelf dat een eigen bedrijfsuitstraling heeft.

Voorbeeld: de bekende verpakking van Tony's Chocolonely, het bordje van Heras Hekwerk, het label van Fatboy.

Brand stores

Brand stores zie je vooral in grotere hoofdsteden. Ze willen je inspiratie bieden rondom een merk. Je kunt er ook dingen kopen, maar branding is het voornaamste doel.

Voorbeeld: de M&M's-store in New York, de Ferrari-store in Parijs.

E-mailhandtekening

Iedere medewerker verstuurt er dagelijks tientallen. Bij elkaar is dit het meest bekeken middel dat een organisatie heeft, en het krijgt zelden aandacht. Eén regel met een verwijzing naar je actuele campagne, dienst of evenement bereikt precies de mensen met wie je al contact hebt.

Voorbeeld: een advieskantoor dat onder elke mail een banner zet naar de eerstvolgende kennissessie.

Earned

Earned media betekent gratis publiciteit. Dit is het cluster waarop je de minste invloed hebt. Je kunt via PR proberen om publiciteit te krijgen, maar wat journalisten, bloggers of moderators op Wikipedia over je melden, is aan hen. Niet aan jou.

Mond-tot-mondreclame

Mond-tot-mondreclame komt niet vanuit een bedrijf, maar vanuit de klanten. Wanneer klanten enthousiast zijn over een product of dienst, praten ze erover met kennissen, vrienden, familie en collega's. Zo krijgt het merk meer bekendheid. Het is een effectieve vorm van reclame, omdat mensen aanbevelingen van bekenden betrouwbaarder vinden dan reclame van een bedrijf.

Voorbeeld: een nieuwe kledingboetiek opent in een dorp. De doelgroep, meiden van tien tot achttien, is enthousiast. Ze bespreken de opening op school. Tijdens de officiële opening staan er tweehonderd meiden in de rij.

Online reviews over jou

Reviews spelen op je Google-bedrijfspagina een grote rol. Ze worden prominent getoond. Scoor je slecht, dan is de kans groot dat potentiële klanten afhaken. Vraag tevreden klanten daarom om een review. Google heeft daar een handige link voor die je zelf kunt maken.

Artikelen en blogs over jou

Er wordt over je gepraat in artikelen en blogs. In een krant, op televisie, in vakblogs of op social media. Je hebt er meestal geen invloed op, behalve als je actief wordt benaderd om je mening te geven.

Voorbeeld: een artikel over een milieukwestie bij een oliebedrijf, een artikel over een speelgoedmerk en kindermarketing, of een artikel over de visie van een chocolademerk.

Genoemd worden op social of in video

Klanten, vakgenoten of makers die uit zichzelf over je posten of je product laten zien. Anders dan bij een influencer is er geen afspraak en geen betaling, en dus ook geen controle over wat er wordt gezegd.

Voorbeeld: een klant die een unboxingvideo maakt van jouw verpakking, of een vakgenoot die je model bespreekt in een LinkedIn-bericht.

Genoemd worden door bekende Nederlanders

Een bekende die je merk uit zichzelf noemt of gebruikt. Dat levert in korte tijd veel bereik op, en het is niet te plannen. Het verschil met sponsoring van een persoon is precies dat: daar ligt een contract, hier niet.

Voorbeeld: een presentator die in een talkshow terloops vertelt welk product hij gebruikt.

Wat zijn communicatiemiddelen?

Communicatiemiddelen zijn onderdeel van een marketingcommunicatiestrategie. Door ze slim in te zetten bereik je het doel en de doelgroep van je campagne. Het combineren van middelen zorgt bovendien voor een versterkend effect over kanalen heen.

Dit overzicht is dynamisch. Compleet wordt het niet: er komen middelen bij en er vallen er af. Ik houd de lijst zo actueel mogelijk.

Deze lijst hoort bij de laag Communicatie van de Marketing MRI. Dat is bewust de derde laag en niet de eerste. Kies je middelen voordat je weet wat je aanbiedt, aan wie en waarom, dan kies je in het donker.

Veelgestelde vragen

Hoeveel communicatiemiddelen zou ik moeten inzetten?

Daar bestaat geen goed getal voor. Wat wel opvalt: organisaties die weinig middelen inzetten maar dat consequent doen, presteren meestal beter dan organisaties die op veel plekken een beetje aanwezig zijn. Vijf middelen die je goed doet is sterker dan vijftien die je half doet. De vraag is niet hoeveel, maar of je van elk middel kunt uitleggen wat het moet opleveren.

Wat moet ik met deze lijst doen?

Niet afvinken. Wat wel werkt: loop de vijftien clusters langs en zet per cluster op papier wat je nu doet. Waarschijnlijk staan een paar clusters vol en zijn er drie of vier leeg. Dat is interessant, niet omdat een leeg cluster gevuld moet worden, maar omdat je zou moeten kunnen uitleggen waarom je daar niets doet.

Waarom staan sommige bekende middelen er niet in?

Omdat ze een techniek zijn en geen middel. Retargeting, personalisatie en A/B-testen maken een middel beter, maar het zijn geen aparte manieren om iemand te bereiken. Hetzelfde geldt voor een systeem als je huisstijl: die bepaalt hoe je uitingen eruitzien en hoort daarom bij de voorwaarden.

Is 115 een vast aantal?

Nee. Er vervallen middelen en er komen nieuwe bij. De fax staat er al flink wat jaren niet meer in. Zichtbaar zijn in AI-tools is er juist net bij gekomen. De lijst is dynamisch en verandert steeds. Het getal 115 is een keuze in de communicatie; de vier principes bepalen waar een nieuw middel thuishoort.

In welk cluster hoort een middel dat er nog niet in staat?

Loop de vier principes langs. Welke strategische vraag roept het op en wie zou het in jouw organisatie doen? Verwacht het publiek reclame op die plek? Is het een systeem of een uiting? En wie maakt de boodschap: jij, iemand die je betaalt, of iemand uit zichzelf? Meestal wijst dat binnen een minuut één cluster aan.

Marketing MRI Nieuwsbrief

6x per jaar vertel ik je welke kansen of risico's je mist in je marketing. Ik toon je de potentie.